jelgerbijma

8 maar nu moet u alles wat slecht is opgeven: woede en drift, laster en vuile taal. 9 Bedrieg elkaar niet langer, nu u de oude mens en zijn leefwijze afgelegd hebt 10 en de nieuwe mens hebt aangetrokken, die steeds vernieuwd wordt naar het beeld van zijn schepper en zo tot inzicht komt. 11 Dan is er geen sprake meer van Grieken of Joden, besnedenen of onbesnedenen, barbaren, Skythen, slaven of vrijen, maar dan is Christus alles in allen.

Kolossenzen 3:8-11

jelgerbijma

1 Openbaring van Jezus Christus, die Hij van God ontving om aan de dienaren van God te laten zien wat er binnenkort gebeuren moet. Hij heeft zijn engel deze openbaring laten meedelen aan zijn dienaar Johannes. 2 Johannes maakt bekend wat God gesproken heeft en waarvan Jezus Christus heeft getuigd; dit heeft hij allemaal gezien.
3 Gelukkig is wie dit voorleest, en gelukkig zijn zij die deze profetie horen en zich houden aan wat erin geschreven staat. Want de tijd is nabij.
4 Van Johannes, aan de zeven gemeenten in Asia. Genade zij u en vrede van Hem die is, die was en die komt, en van de zeven geesten voor zijn troon, 5 en van Jezus Christus, de betrouwbare getuige, de eerstgeborene uit de dood, de heerser over de vorsten van de aarde. Aan Hem die ons liefheeft en ons van onze zonden heeft bevrijd door zijn bloed, 6 die een koninkrijk uit ons gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters voor God, zijn Vader – aan Hem komt de eer toe en de macht, tot in eeuwigheid. Amen. 7 Hij komt met de wolken, en dan zal iedereen Hem zien, ook degenen die Hem doorstoken hebben. Alle volken op aarde zullen over Hem weeklagen. Ja, amen. 8 ‘Ik ben de alfa en de omega,’ zegt God, de Heer, ‘Ik ben het die is, die was en die komt, de Almachtige.’

Openbaringen 1:1-8

jelgerbijma

29 Maar ten slotte zult u de HEER, uw God, weer zoeken, en Hem ook vinden, als u Hem met hart en ziel zoekt. 30 Wanneer dit alles u overkomt zult u in uw nood uiteindelijk terugkeren naar de HEER, uw God, en naar Hem luisteren. 31 Want de HEER, uw God, is een liefdevolle God. Hij zal u niet verlaten en u niet in het verderf storten. Wat Hij uw voorouders onder ede heeft beloofd, vergeet Hij niet.

Deuteronomium 4:29-31

jelgerbijma

8 In Refidim werd Israël aangevallen door de Amalekieten. 9 Toen zei Mozes tegen Jozua: ‘Kies een aantal mannen uit en trek met hen tegen Amalek ten strijde. Ikzelf zal morgen op de top van de heuvel gaan staan, met in mijn hand de staf van God.’ 10 Jozua deed wat Mozes hem had opgedragen en trok tegen Amalek ten strijde, en Mozes ging naar de top van de heuvel, samen met Aäron en Chur. 11 Zolang Mozes zijn arm opgeheven hield, was Israël de sterkste partij, maar liet hij zijn arm zakken, dan was Amalek de sterkste. 12 Toen Mozes’ armen zwaar werden, legden Aäron en Chur een steen bij hem neer, zodat hij daarop kon gaan zitten. Zelf gingen ze aan weerszijden van hem staan, om zijn armen te ondersteunen. Daardoor konden zijn armen opgeheven blijven totdat de zon onderging. 13 Zo versloeg Jozua het leger van Amalek tot de laatste man.

Exodus 17:8-13

jelgerbijma

Jezus zegt: Ik ben de weg, de waarheid en het leven.

Johannes 14:6

jelgerbijma

1 Allereerst vraag ik dat er voor alle mensen gebeden wordt, dat er smeekbeden, voorbeden en dankgebeden voor hen worden uitgesproken. 2 Bid voor alle koningen en gezagsdragers, opdat we rustig en ongestoord kunnen leven, in alle vroomheid en waardigheid. 3 Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze redder, 4 die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen. 5 Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus, 6 die zichzelf gegeven heeft als losgeld voor allen, als het getuigenis voor de vastgestelde tijd. 7 Om dit te verkondigen ben ik als apostel aangesteld. Ik spreek de waarheid, ik lieg niet – ik ben aangesteld als leraar voor de heidense volken, om hun het geloof en de waarheid te onderwijzen.
8 Ik wil dat de mannen overal waar ze bidden de handen vol toewijding opheffen, zonder wrok of onenigheid.

1 Timoteüs 2:1-8

jelgerbijma

18 Toen Hij langs het meer liep, zag Hij twee broers, Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas. Ze wierpen hun net uit in het meer, het waren vissers. 19 Hij zei tegen hen: ‘Kom, volg Mij, Ik zal van jullie vissers van mensen maken.’ 20 Ze lieten meteen hun netten achter en volgden Hem. 21 Even verderop zag Hij twee andere broers, Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en zijn broer Johannes. Ze waren met hun vader in hun boot bezig met het herstellen van de netten. Hij riep hen 22 en meteen lieten ze de boot en hun vader Zebedeüs achter en volgden Hem.

Matteüs 4:18-22

jelgerbijma

13 Ik plaats mijn boog in de wolken; die zal het teken zijn van het verbond tussen Mij en de aarde. 14 Wanneer Ik wolken samendrijf boven de aarde en in die wolken de boog zichtbaar wordt, 15 zal Ik denken aan mijn verbond met jullie en met al wat leeft, en nooit weer zal het water aanzwellen tot een vloed die alles en iedereen vernietigt. 16 Als Ik de boog in de wolken zie verschijnen, zal Ik denken aan het eeuwigdurende verbond tussen God en al wat op aarde leeft. 17 Dit,’ zei God tegen Noach, ‘is het teken van het verbond dat Ik met alle levende wezens op aarde gesloten heb.’

Genesis 9:13-17

jelgerbijma

7 Is het niet: je brood delen met de hongerige,
onderdak bieden aan armen zonder huis,
iemand kleden die naakt is,
je bekommeren om je medemensen?
8 Dan breekt je licht door als de dageraad,
je zult spoedig herstellen.
Je gerechtigheid gaat voor je uit,
de majesteit van de HEER vormt je achterhoede.
9 Dan geeft de HEER antwoord als je roept;
als je om hulp schreeuwt, zegt Hij: ‘Hier ben Ik.’
Wanneer je het juk van de onderdrukking uitbant,
de beschuldigende vinger en de kwaadsprekerij,
10 wanneer je de hongerige schenkt
wat je zelf nodig hebt
en de verdrukte gul onthaalt,
dan zal je licht in het donker schijnen,
je duisternis wordt als het licht van het middaguur.

Jesaja 58:7-10

jelgerbijma

18 De afkomst van Jezus Christus was als volgt. Toen zijn moeder Maria al was uitgehuwelijkt aan Jozef maar nog niet bij hem woonde, bleek ze zwanger te zijn door de heilige Geest. 19 Haar man Jozef, die een rechtschapen mens was, wilde haar niet in opspraak brengen en dacht erover haar in stilte te verstoten. 20 Toen hij dit overwoog, verscheen hem in een droom een engel van de Heer, die zei: ‘Jozef, zoon van David, wees niet bang je vrouw Maria bij je te nemen, want het kind dat ze draagt is verwekt door de heilige Geest. 21 Ze zal een zoon baren. Geef Hem de naam Jezus, want Hij zal zijn volk bevrijden van hun zonden.’ 22 Dit alles is gebeurd omdat in vervulling moest gaan wat bij monde van de profeet door de Heer is gezegd: 23 ‘De maagd zal zwanger zijn en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuel geven,’ wat in onze taal betekent: ‘God is met ons’.

Matteüs 1:18-23

jelgerbijma

49 Denk aan het woord, tot uw dienaar gesproken,
waarmee U mij hoop hebt gegeven.
50 Dit is de troost in mijn ellende:
dat uw belofte mij doet leven.
51 Al lachen de hoogmoedigen mij ook uit,
ik wijk niet af van uw wet.

52 Ik denk aan uw eeuwige voorschriften,
HEER, daarin vind ik troost.
53 Ik ben ontzet over de zondaars,
die uw wet verlaten.
54 Uw wetten zijn voor mij als liederen
in het huis waar ik als vreemdeling woon.

55 Zelfs in de nacht denk ik aan uw naam, HEER,
en houd ik mij aan uw wet.
56 Dit is mij gegeven:
dat ik uw regels volg.

Psalmen 119:49-56

jelgerbijma

13 Maar Mozes zei: ‘Stel dat ik naar de Israëlieten ga en tegen hen zeg dat de God van hun voorouders mij gestuurd heeft, en ze vragen: “Wat is de naam van die God?” Wat moet ik dan zeggen?’ 14 Toen antwoordde God hem: ‘Ik ben die er zijn zal. Zeg daarom tegen de Israëlieten: “IK ZAL ER ZIJN heeft mij naar u toe gestuurd.”’ 15 Ook zei Hij tegen Mozes: ‘Zeg tegen hen: “De HEER heeft mij gestuurd, de God van uw voorouders, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob. En Hij heeft gezegd: ‘Zo wil Ik voor altijd heten, met die naam wil Ik worden aangeroepen door alle komende generaties.’”

Exodus 3:13-15

jelgerbijma

22 De HEER bewijst zijn liefde: wij zijn nog in leven! Zijn ontferming kent geen einde.
23 Elke morgen schenkt Hij nieuwe weldaden. – Veelvuldig blijkt uw trouw!
24 Ik besef: mijn enig bezit is de HEER, al mijn hoop is op Hem gevestigd.
25 Goed is de HEER voor wie Hem zoekt en zich op Hem verlaat.
26 Goed is het geduldig te hopen op de HEER die redding brengt.

Klaagliederen 3:22-26

jelgerbijma

14 Jubel, vrouwe Sion,
zing van vreugde, Israël,
juich met heel je hart, vrouwe Jeruzalem!
15 De HEER heeft het vonnis over jou tenietgedaan
en je vijand verdreven.
De HEER, de koning van Israël, is in je midden,
je hebt geen kwaad meer te vrezen.
16 Op die dag zal men tegen Jeruzalem zeggen:
‘Wees niet bang, Sion!
Laat de moed niet zinken!’
17 De HEER, je God, zal in je midden zijn,
Hij is de held die je bevrijdt.
Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over jou,
in zijn liefde zal Hij zwijgen,
in zijn vreugde zal Hij over je jubelen.
18 Alle treurenden zal Ik bijeenbrengen,
verzamelen wie op je feesten moesten ontbreken.

Sefanja 3:14-18a

jelgerbijma

1 Jeruzalem, leg het gewaad van je verdriet en je lijden af
en hul je voorgoed in de waardigheid van Gods majesteit;
2 sla de mantel van Gods gerechtigheid om
en zet de kroon van de luister van de Eeuwige op je hoofd.
3 Overal onder de hemel zal God jouw schittering tonen;
4 voor eeuwig luidt de naam die God je geeft:
Vrede door gerechtigheid, Luister door vroomheid.
5 Richt je op, Jeruzalem, ga staan op de berg,
richt je blik naar het oosten en zie je kinderen,
uit alle windstreken bijeengeroepen door de Heilige,
zich verheugend over Gods trouw.
6 Te voet gingen ze bij je vandaan, meegevoerd door de vijand,
maar vorstelijk is hun intocht, nu God hen bij je terugbrengt.
7 Hij gebood elke hoge berg en iedere aloude heuvel
hun hoogte te slechten, en elk ravijn zich te vullen,
opdat de aarde geëffend zou worden
en Israël, door Gods macht, met vaste tred kan gaan.
8 De bossen en alle geurige bomen
bieden op Gods bevel aan Israël hun schaduw.
9 God zal Israël met vreugde leiden
bij het licht van zijn luister,
onder betoon van zijn barmhartigheid en gerechtigheid.

Baruch 5:1-9

jelgerbijma

Paulus schreef: Hoewel het eigenlijk niet kon, bleef Abraham hopen en geloven. Hij was ervan overtuigd dat God bij machte was te doen wat hij had beloofd.

Romeinen 4:18-25

jelgerbijma

1 Het begin van het evangelie van Jezus Christus, Zoon van God.
2 Er staat geschreven bij de profeet Jesaja:
‘Let op, Ik zend mijn bode voor Je uit,
hij zal Je een weg banen.
3 Een stem roept in de woestijn:
“Maak de weg van de Heer gereed,
maak recht zijn paden!”’
4 En zo is het gebeurd toen Johannes ging dopen in de woestijn en de mensen opriep tot inkeer te komen en zich te laten dopen, om vergeving van zonden te krijgen. 5 Alle inwoners van Judea en Jeruzalem stroomden toe en lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan, waarbij ze hun zonden beleden. 6 Johannes droeg een ruwe mantel van kameelhaar met een leren gordel; hij leefde van sprinkhanen en wilde honing. 7 Hij verkondigde: ‘Na mij komt iemand die machtiger is dan ik; ik ben het zelfs niet waard om voor Hem te bukken en de riemen van zijn sandalen los te maken. 8 Ik heb jullie gedoopt met water, maar Hij zal jullie dopen met de heilige Geest.’

Marcus 1:1-8

jelgerbijma

11 Bedenk daarom dat u, die geen geboren Joden bent en onbesnedenen genoemd wordt door hen die door mensenhanden besneden zijn – 12 bedenk dat u destijds niet verbonden was met Christus, uitgesloten was van het burgerschap van Israël en geen deel had aan de verbondssluitingen en de beloften die daarbij hoorden. U leefde zonder hoop en zonder God in deze wereld. 13 Maar nu bent u, die eens ver weg was, in Christus Jezus dichtbij gekomen, door zijn bloed. 14 Want Hij is onze vrede: Hij heeft met zijn dood Joden en niet-Joden verenigd, de muur van vijandschap, die hen scheidde, afgebroken 15 en de wet met zijn geboden en voorschriften buiten werking gesteld, om uit die twee in zichzelf één nieuwe mens te scheppen. Zo bracht Hij vrede 16 en verzoende Hij door het kruis beiden in één lichaam met God, door in zijn lichaam de vijandschap te doden. 17 Vrede kwam Hij verkondigen aan u die ver weg was en vrede aan hen die dichtbij waren: 18 dankzij Hem hebben wij allen door één Geest toegang tot de Vader.

Efeziërs 2:11-18

jelgerbijma

14 De Mensenzoon moet hoog verheven worden, zoals Mozes in de woestijn de slang omhooggeheven heeft, 15 opdat iedereen die gelooft, in Hem eeuwig leven heeft. 16 Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. 17 God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door Hem te redden. 18 Over wie in Hem gelooft wordt geen oordeel uitgesproken, maar wie niet in Hem gelooft is al veroordeeld, omdat hij niet wilde geloven in de naam van Gods enige Zoon. 19 Dit is het oordeel: het licht kwam in de wereld en de mensen hielden meer van de duisternis dan van het licht, want hun daden waren slecht. 20 Wie kwaad doet, haat het licht; hij schuwt het licht omdat anders zijn daden bekend worden. 21 Maar wie oprecht handelt zoekt het licht op, zodat zichtbaar wordt dat God werkzaam is in alles wat hij doet.’

Johannes 3:14-21

jelgerbijma

Petrus schreef: De Heer is niet traag met het nakomen van zijn belofte, zoals sommigen menen; hij heeft alleen maar geduld met u, omdat hij wil dat iedereen tot inkeer komt.

2 Petrus 3:9